Licht.
Vroeg op vanmorgen, het licht kwam voorzichtig door de gordijnen, kop koffie & krant, zondagmorgen, het is stil buiten, de pony hinnikt als ik de gordijnen opentrek, eten en ze mag naar buiten, het leven is zoveel aangenamer als het langer licht is, de temperatuur doet er niet. When the Music's over turn off the light, Music is your only friend, even tussen doors. Ik wou dat ik een vogel was, dan hoef ik niet na te denken over vrouwtjes, ik vlieg mijn drift achterna, ik fluit mijn mooiste wijsje, zet mijn veren op om te imponeren, ik ben het mannetje van de tuin, alle vrouwtjes kijken naar me en denken, uitslover, ze laten me links liggen. Gelukkig hoeven vogels niet te stemmen, ze fluiten dat het een lieve lust is, links of rechts, het zal ze een zorg zijn, daar kunnen wij nog veel van leren, niet nadenken, kies op de partij die je raakt, niet bang zijn om te stemmen, ook als het Wilders is, wij leven in een democratie. Het zou wat zijn als Wilders naar Turkije vliegt om stemmen van Turkse Nederlanders te winnen en in debat te gaan met Erdogan over geloof, vluchtelingen en verdraagzaamheid. Wilders en debateren met wie dan ook, het lijkt ver weg, ik hoef het niet te horen of te zien, gebakken PVV lucht, het stelt niets voor, net als de meeste voorgekookte plannen van andere partijen, het is een zacht gekookt eitje, lekker voor het ontbijt, maar na een uurtje heb je weer trek, het beklijft niet, het is niet iets van de lange termijn. Dat is het manco van de politiek, vier jaar om het beleid uit te voeren, gestalte te geven is veel te kort, politici denken in verkiezingen, mooie woorden winnen het van daden die na de verkiezingen ingeruild worden compromissen, een minnelijke schikking volgens het woordenboek, minnelijk en schikking klinken wel heel erg soft, sorry voor het woord, zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
Ik stap in mijn bus en rijd naar het werk, het is licht, opeens overal om me heen, het overvalt me een beetje, de donkere winter is verdwenen, mijn hand is kapot van het werken, een korst, niets nieuws onder de zon, ik zet de kisten twaalf hoog, niemand weet waarover ik het heb, alleen Jolle.
Narigheid.
Het land staat op zijn kop, volgende week zijn er verkiezingen, kranten staan vol met verhalen over politici, partijen, prognoses, peilingen, meningen, net als televisie, radio en ongetwijfeld de sociale media. Het gaat vooral over de verschillen, de eigen identiteit van de partij is belangrijk, laten zien waar je voor staat, terwijl ik zo graag zou horen wat ze samen kan brengen om straks te regeren, de overeenkomsten, maar dat is waarschijnlijk geen goede verkiezingsstrategie, dat kost stemmen. Na woensdag weten we meer en is er weer ruimte voor ander nieuws uit de wereld, dat verliezen we een beetje uit het oog, honger in Afrika, oorlog in het Midden Oosten en nog veel meer narigheid, verkiezingen verhullen de echt belangrijke zaken in de wereld, daar hoor ik geen politicus over.
Blijde boodschap.
Politici trekken als popsterren door het land, overal waar ze komen zijn er mensen die met ze op de foto willen, ze geven een roos, flyers of ander propaganda materiaal, ongevraagd. Allemaal verkondigen ze een blijde boodschap, het verhaal dat hun partij het beste voorheeft met ons land, ze vragen, nee ze bedelen om onze stem, het wordt spannend, de peilingen geven elke dag een andere voorspelling, niets is zeker.
Een jonge politicus trekt 5000 mensen naar een zaal, waar hij ze vertelt wat ze willen horen, optimisme, een mooiere, schonere wereld, meer werk, betere zorg, het klinkt jessiaans zegt de buitenlandse pers, de vergelijking is gemaakt. Er is een verschil, ik heb het opgezocht, Jezus verkondigde een blijde boodschap voor 5000 mensen, die ademloos naar hem luisterden, ze waren vergeten eten en drinken mee te nemen, daar zorgde Jezus voor, Hij deelde het eten uit zodat iedereen genoeg had. Daar had de jonge politicus niet aan gedacht, iedereen die eten of drinken wilde, moest muntjes kopen, de tijden zijn veranderd, net als de boodschap.
Knie.
Mijn linkerknie is kwetsbaar, veertig jaar geleden is de meniscus verwijderd zonder gevolgen, ik heb jaren lang basketball gespeeld, hard gelopen, tien, 20, halve marathon, hele marathon gelopen zonder problemen, het vlees is zwak, dat is een ander verhaal waar ik een boek over kan schrijven, het lichaam heeft ook zijn zwakke kanten, er zijn grenzen, als je daar geen rekening mee houd, is de knie de klos, kwetsbaar.
Drie nachten heb ik nauwelijks geslapen, pijn, hoe ik ook draaide het maakte niet uit, de pijn bleef, werd alleen maar erger, de klok van de kerk sloeg elk uur voorbij, Warren Zevon zong, I'll sleep when I''m dead. Zo erg was het niet, de dokter gaf advies, blijven wandelen.
6-1.
Toen ik jong was voetbalden we altijd, op straat, op het schoolplein, op de grasveldjes in de buurt, garageboxen waren ook geliefd, maar als de bal over het dak vloog waren die meestal kwijt. Omliggende bewoners hielden niet van het lawaai van de bal tegen de metalen deuren, vaak kwam de politie langs, op straat was de voorkant van een putje het doel, aan elke kant van de straat eentje, 1 tegen 1 of 2 tegen 2, we waren er aardig goed in. Op zondagmiddag luisterde ik altijd naar langs de lijn met om 16.15 uur de uitslagen, alle wedstrijden werden op zondagmiddag op dezelfde tijd gespeeld, daarna snel naar de kerk. Toen we televisie kregen, keken we op zondagavond en door de week naar alle wedstrijden, soms op duitsland, ik kende alle spelers, verzamelde voetbalplaatjes, posters van elftallen, las de verslagen in de krant, voetbal was het helemaal tot ik op ongeveer mijn veertiende boeken begon te lezen, na Arendsoog, Karl May, jongensboeken kwam de literatuur, een groot woord. ''s Zomers gingen we 6 weken kamperen in Duitsland, een doos boeken mee, als ik die uit had begon ik aan de boeken van mijn zussen, een heel andere wereld.
Toen ik thuis kwam zag ik dat Barcelona met 6-1 had gewonnen, bijna onmogelijk, ik keek naar de beelden op YouTube, het stadion ontplofte en terecht.
Cadeaus.
Eigenlijk hadden we afgesproken dat we elkaar niets meer zouden geven voor een verjaardag, we hebben al zoveel. De laatste jaren komt iedereen toch weer met een kleine attentie, toch wel heel prettig om met iets bij een jarige op bezoek te gaan, anders is het zo kaal, lege handen alleen een kus, als jarige voel je je toch net een beetje meer jarig. Dit jaar ben ik echt verwend, bloemen, planten, een mooi tafelkleed, tekeningen van de kleinkinderen, een LO-stander voor mijn tablet, een prachtige LP, lekkere olie om mee te koken, een BMW klok, bier en worst, het houdt niet op, een serie Quarry, waarvan ik net de eerste aflevering heb gekeken, het begint bijzonder, morgen verder, een usb-stick met 400 Scandinavische boeken, die staan nu op mijn tablet, een zomer lang lezen. En ik vergeet vast nog iets.
Een verjaardag vieren we elk jaar weer, ik word ouder, op mijn werk hadden ze de cijfers omgedraaid naar 36, maar dat klopt niet, het was al snel weer 63 en het werd nog een aantal keren gezegd. Ik ben er inmiddels aangewend, de jaren gaan snel, drie jaar geleden stonden we nog voor onze reis naar de Noordkaap, nu kijken we er met veel mooie herinneringen op terug, zo gaat het en hopelijk gaat het nog jaren op deze wijze.
Weinig tijd.
Vandaag blijft er naast het huishouden weinig tijd over voor een "lang" verhaal. Een was draaien, de jongens kwamen langs om de apparatuur stofvrij te maken op voorwaarde dat ze konden blijven eten, nog een italiaanse appeltaart gemaakt om mee te nemen naar het werk, de dag is zo voorbij. Nu de was ophangen, daarna luisteren naar een "nieuwe" plaat van Mumford and Son, een verjaardagscadeau.
Lange verhalen.
Vandaag kreeg ik mondelinge kritiek, de laatste tijd zijn de verhaaltjes (te) kort en graag een weekend bijlage of zoiets. Verhalen komen en gaan, er gebeurt iets waarvan ik denk, daar kan ik iets over schrijven of ik zit in mijn stoel muziek te luisteren en er schiet me iets te binnen. Op onze reis naar de Noordkaap had ik de hele dag de tijd om te luisteren naar wat ik in mijn hoofd hoorde, ik keek om me heen zag de natuur, de omgeving veranderde, er gebeurde weinig onderweg, het was een rit op de motor naar het noorden, toch leverde die reis een stroom aan verhalen op, gedachten, herinneringen, beschouwingen, gedichten, een reisverslag. Zo'n rit maak ik niet elke dag, wel in het klein, de weg naar mijn werk is altijd dezelfde, toch zie ik steeds iets anders, iets nieuws, ten minste als ik om me heen kijk, het is niet spectaculair, maar vaak spannend. Als ik niet goed oplet, opeens moet uitwijken voor een fietser, naast de weg belandt, wegslip in de modder en alle moeite moet doen om de bus weer veilig op de weg te krijgen, mijn hart slaat over, ik zag mezelf al op de kant in de berm liggen, te hard aan het stuur getrokken. Een langer verhaal ligt niet voor het oprapen, misschien in de berm waaruit ik net ben ontsnapt, een verhaal ontstaat terwijl ik door de weilanden loop, daar gebeurt ook niet veel, mijn gedachten gaan vaak een andere kant op en soms vergeet ik de woorden voordat ik thuis ben. Het hoofd is een vreemd doolhof, ik kan er in verdwalen, de weg kwijt raken als ik niet oplet en loop te dromen met mijn hoofd in de wolken, ik kijk van boven neer op de doodlopende gangen en zie plotseling de weg naar de uitgang, het verhaal schrijft zichzelf, soms moet ik er wat meer moeite voor doen, duurt het wat langer voor de woorden er zijn. De ene dag gaat het beter dan een andere, het is steeds weer een verrassing voor mij, zo blijft het spannend voor iedereen.