thuismetsijtze.reismee.nl

Motor & broer.

Vanmiddag heb ik de motor naar Marum gebracht voor een grote beurt, ik moest naar de werkplaats van Tjibbe, hij blijft de oude motoren zelf doen, zijn zoon doet het nieuwe spul. Tjibbe moet altijd even het geluid van de motor horen, hij hoort meer dan ik, kleppen, distributieketting, er tikt iets, hij weet niet meer precies wat hij 4 jaar geleden heeft vervangen, ik heb de rekening nog, ik bel hem er over. Hij heeft het druk met het opknappen van oude motoren, we praten over werk, dat het prettig is als je dat elke dag met plezier doet, al zo lang. De oude motoren zijn een soort van oude dag voorziening voor hem, hij heeft er nog genoeg in de opslag staan, ze zien er na een totale revisie weer als nieuw uit, bijna nog mooier, we bekijken een motor die net zo oud is als die van mij, wat een verschil. Inruilen doe ik niet, alleen mijn oude motor opknappen is een mogelijkheid, 100 uur werk, zegt Tjibbe, plus onderdelen, spuitwerk doet hij zelf, nieuwe spaken, noem het maar op, een oude motor wordt weer nieuw, het kost wel wat.

Vanavond een biertje gedronken bij broer Jan die vandaag jarig is.

Voetbal kijken in de pyjama.

Vanavond hebben we voetbal gekeken, de bewoners in hun pyjama, we zagen het in de eerste helft 3-0 worden, een pyjama aan helpt, het heeft geen slaapverwekkende wedstrijd tot gevolg.

The Carpenters.

Vriend Jolle is vandaag jarig, gefeliciteerd, hij viert het in Andalusie samen met zijn geliefde.

Ik zit in de oude stoel en luister naar the Carpenters, ze zingen over de liefde, hou het eenvoudig en nog veel meer, levenswijsheid die ik niet altijd begrijp op het moment dat het er toe doet, later weet ik precies wat ik had willen doen, het is nooit te laat om te zeggen dat ik van je houd.

Vijf voor twaalf.

Morgen is het vijf voor Eén, de klok een uur vooruit, zomertijd.

Kouwe kop.

Het is voorjaar, maar aan de temperatuur merk ik het nog niet echt. In maart mag ik weer motorrijden, heerlijk is dat, de motor moet nog nagekeken worden voordat het echte werk begint, een reis naar Italië en vooral de terugweg. Ik kan bellen om een afspraak te maken, maar ik rijd liever naar Marum om met Tjibbe te overleggen wat er gebeuren moet. Snelwegen vermijd ik, binnendoor is veel mooier, het is frisjes, het motorpak houd me redelijk warm, ik krijg wel een kouwe kop, eigen schuld met zo'n ouderwetse open helm, ik weet het. Niemand te zien in de motorzaak in Marum, ik zie een briefje op de deur, de zaak is verhuisd naar de Molenstraat 6, daar kwam ik langs, ik rij er zo heen, mooi groot pand met BMW s in de etalage, dat kan niet missen. Tjibbe is er niet, zijn zoon wel, die gaat de zaak overnemen, we praten even over de motor en het nieuwe pand, volgende week kan ik motor brengen als er iemand meegaat om me terug te rijden. Komt helemaal goed. Op de terugweg nog een stuk omgereden over prachtig kleine weggetjes, de motor had er plezier in, ze ronkte als vanouds.

Houtkachel en Sinterklaas.

Ik vond tussen mijn keurig geordende platen een LP van the Outlaws, af en toe ontdek ik nieuwe muziek tussen de oude zooi, het wordt bijna onbetaalbaar om een plaat te kopen, verkopers verlangen een vaste prijs, doen geen concessies, zijn soms vreselijk bot. Ik heb genoeg Lp's, meer heb ik niet nodig, maar mijn hart gaat sneller kloppen als ik toch een koopje ontdek, het gebeurt niet vaak meer tegenwoordig, jammer genoeg, de handelaren zijn de baas, dat maakt het onhandelbaar, ze vragen teveel geld voor muziek.

Ik heb de houtkachel aan, het is een druilerige middag, de rook slaat naar beneden, de wind staat goed, de buren hebben er geen last van, de pony trekt zich nergens iets van aan zolang ze maar eten krijgt. Een houtkachel mag niet meer, het is de diesel van de verwarming in huis, het is geen sjoemelkachel, een goed gekeurde door een technische school geteste houtkachel met een hoog rendement en weinig uitstoot van vuile lucht, maar misschien maak ik mezelf iets wijs. Het is lekker warm binnen, ik loop op blote voeten, meer dan een t shirt is niet nodig, de honden liggen op apegapen voor de kachel, zij houden van de warmte.

Een houtkachel wordt een probleem in de toekomst, net als de intocht van Sinterklaas, er zijn geen gemeentes meer die het vrijwillig willen organiseren. De schoorsteenveger die hier één keer per jaar langs komt heeft wel vuile handen, maar hij is niet zwart, Piet hoeft niet bang te zijn om zwart te worden als hij de kadoos door de schoorsteen in onze schoenen doet, het is een lang verhaal, maar wie luistert daar nog naar, de tijden zijn veranderd, we zijn bang voor alles wat anders is, gelukkig is iedereen anders.


Snel naar huis.

Op het werk zijn een paar mensen niet lekker, buikgriep en overgeven, zelf heb ik daar niet zo snel last van, vandaag moest ik snel naar huis, ik zal jullie de details besparen.

Het leven is kort, en heel lang.

Ik rijd in de oude vw bus, de honden achterin, naar Anloo, onderweg zie ik huizen die gestut zijn, boerderijen met nieuwe muren, huizen worden afgebroken om weer opnieuw gebouwd te worden, hekken om de huizen voor de veiligheid, ik kan er niet aan wennen. Ik wandel zonder dat ik de weg weet, verdwalen is onmogelijk in Nederland, overal staan borden, er rijden bussen om me terug te brengen naar waar ik vandaan kwam, de honden ruiken meer dan dat ik zie, ik loop rustig achter ze aan, we vinden de weg terug ook zonder kaart of gps.

Ik lees mijn boek uit, het boekenweekgeschenk, luister naar de nieuwe plaat van Daniel Lohues, Vlier.

May your choices reflect your hopes, not your fears, Nelson Mandela.

Het leven is kort, het gaat snel voorbij, ik ben druk met van alles en nog wat, de tijd wacht op niemand, herinneringen gaan al meer dan vijftig jaar terug, het is niet anders, elke dag is er weer één, ik geniet er steeds meer van.

Heel lang is mijn leven, ik weet er nog heel veel van of is dat een illusie, het maakt niet uit, ik zit te schrijven in de stoel van mijn vader, dat is genoeg.

Ik nam onze moeder mee naar beneden in een rolstoel, haar linkerkant was verlamd, uitgeschakeld, ze tilde haar arm op en zei, ik kan er niets meer mee. Moeilijk, ik hield haar rechterhand vast, streelde die, we keken naar buiten, herfst, we zeiden weinig, een kop koffie meer wilde ze niet, slokje voor slokje hielp ik haar, een lang leven eindigt.

Ik bracht haar terug naar haar bed, een zoen, ze was er altijd, nu niet meer, ik ga op weg naar haar huis, tevergeefs en draai weerom.