Vroeg op, eerst een flink stuk met de hond lopen, de pony hooi geven. Thuis koffie en de krant. Ik lees de recensie van de nieuwe cd van Loudon, een singer-songwriter van de oude stempel, prachige liedjes vol ironie en zelfspot. Haven't got the blues (yet), gedownload en nu al kan ik de muziek beluisteren. Daar droomde ik vroeger van, nu is het heel gewoon.
Er stond ook een stukje in over Haydn, Die Schopfung, gedirigeerd door Bernard Haitink. Ik moet er een plaat van hebben, ergens, maar kan die niet vinden. Alles uitzoeken, die honderden platen op alfabet of componist zetten, ik kan er de tijd niet voor vinden. Tijd vinden zou ik graag willen leren, het levert zo veel op, twee dagen gevonden, ik spaar ze op, nee liever leef ik ze nu gelijk, maar wanneer is nu? Nu ik de tijd heb, maar wanneer is dat? En zo gaat het maar door, denken over tijd, denken over wanneer wat te doen en ik doe niks en voel me er niet meer schuldig over. Het is tijd om aangeleerde of opgelegde gedachten achter me te laten en te genieten van de tijd die ik nog heb. MASH de film gekeken, ik ben er met Kees naar toe geweest, een nachtfilm, niemand in de zaal, Kees lag dubbel van het lachen, blues brothers.
Allen die willen te kaap'ren varen, moeten mannen met baarden zijn. Tijdens de reis naar de noordkaap heb ik mijn baard laten staan, lekker warm en makkelijk. Nu weer. Lang haar en een baard, mijn vader zei vaak dat een man goed geknipt en geschoren moest zijn. Dat ik mijn haar liet groeien was tegen zijn zere been. Het ging niet zonder slag of stoot, er ging een paar jaar kapperbezoek aan vooraf, waar ik onder uit probeerde te komen, tot ik het durfde er niet meer heen te gaan. Het liep hoog op, ik liep weg van huis met een kwaaie kop, maar ging na een paar dagen terug. Over de kapper werd niet meer gepraat, het haar groeide lang en langer, maar nu denk ik, wat heb ik er mee gewonnen? Toen vond ik het prachtig, lang haar en kleren, kapotte spijkerbroeken, overhemden van mijn opa, net als een lange witte regenjas, als het maar anders was. Uiteindelijk liet ik mijn haar kort knippen bij een kapper op de kraneweg, ik kwam er toevallig langs en liet daarna mijn baard staan. Een bezoek aan de kapper stel ik nog steeds uit tot ik vind dat het niet langer kan, volgende week. Ik heb het er nooit meer over gehad met mijn vader, alles was al gezegd.
Vandaag zijn Mathilde en ik op bezoek bij Sietse en Marijke geweest. Ik had het steeds uitgesteld, maar ik wilde graag naar ze toe. Een fijn gesprek over zijn ziekte, hoopvol herstel (zo lijkt het) en een hersteld contact met zijn naaste familieleden. Heel mooi om te horen en er over te praten in alle rust. De familieband speelde altijd een belangrijke rol in ons gezamelijke leven. Een grote familie met heel veel verschillende mensen, maar met een toch wel hechte band. Toen de grote Hielema familie weekeinden tien jaar geleden stopten, verloren we elkaar uit het oog, sporadisch nog contact, we zagen elkaar op begrafenissen. Wij als gezin organiseerden ons eigen weekeinde, maar moest er niet weer eens? en wie gaat zoiets doen. Op de 90ste verjaatdag van mijn moeder zagen we ooms, tantes, neven en nichten na een lange tijd weer. Ik had het familie gevoel gelijk weer, maar de middag was te kort om het te herstellen, laat staan plannen te maken en wie heeft er behoefte aan? Herinneringen kwamen boven. De eerste keer ter gelegenheid van het 50ste huwelijksjaar van opa en oma Hielema in Roden of was het Norg. Een grote boerderij waar mannen en vrouwen apart sliepen op grote slaapzalen. Er zijn nog foto's van. Alle keren in Eerbeek en Schoonloo, de verhalen, discussie's, wie er kookte, een spel, een speurtocht voor de kinderen en de drank, die vloeide in overvloed, wie het de volgende keer zou organiseren, wel of niet binnen roken (toen nog een twistpunt), het waren mooie tijden, maar als ik dat zeg, heb ik het gevoel oud te zijn, een terugblik. Zo is het ook en ik vind het fijn om er aan terug te denken, het gaat te snel voorbij.
Gisteravond kwam ik thuis na een late dienst, eerst de hond uitlaten en de pony nog wat hooi geven. Dan een biertje en een plaat draaien, meestal pak ik er blindelings eentje uit de kast, rory gallagher. Ik ben twee keer naar een concert van hem geweest, onvergetelijk, twee, drie uur spelen en alles geven wat je in je hebt, een marathon in het kwadraat. The blues, even een donkere wolk boven me, maar de zon schijnt weer. Het is toch wel bijzonder hoe twee mensen elkaar vinden en opeens veertig jaar getrouwd zijn of elkaar tegen komen als vreemden en als geliefden weer weg gaan, het leven is vol verrassingen. Gelukkig maar. The blues is ver weg.
Luisteren naar vooral de live platen, downloaden op the pirate bay.
Biografie
Rory Gallagher begon zijn carrière in de vroege jaren '60 als gitarist met de Fontana Showband. In de jaren 1964 en 1965 speelde hij in de Impact Sound Show Band (later The Impact Sound en tenslotte The Impact). In 1966 formeerde hij het powertrioTaste met Eric Kitteringham (bas) and Norman Damery (drums). In 1967 nam dit trio wat demo's op die in de jaren zeventig op LP verschenen onder de titel Taste In The Beginning. Nog in datzelfde jaar werden John Wilson en Richard "Charlie" McCracken resp. de nieuwe drummer en bassist van Taste en met hen zou Gallagher drie jaar samenwerken. Deze periode leverde twee studioalbums op: Taste en On The Boards. Een stortvloed van bootlegs werd in die tijd uitgebracht. Om dit tegen te gaan bracht platenmaatschappijPolydor zelf Live in Montreux en Live At The Isle Of Wight uit. Taste werd in 1970 ontbonden na onenigheid over de financiële huishouding en de rol van het management hierin.
Met Gerry McAvoy (uit Deep Joy) op bas en Wilgar Campbell (uit The Method) op drums ging Gallagher vervolgens verder onder zijn eigen naam: The Rory Gallagher Band of Rory Gallagher and his band. Zijn muziekstijl vertoonde de blues in al zijn facetten, maar met name ook de country blues.
Rod de'Ath en Rory Gallagher in Hamburg, 1973
In 1973 vertrok Campbell naar The Mick Abrahams Band en werd vervangen door Rod de'Ath uit Killing Floor. Korte tijd later werd ook de toetsenist van Killing Floor, Lou Martin, lid van Rory's begeleidingsband.
Gallagher werd door het muziekblad Melody Maker in 1972 en 1974 uitgeroepen tot 's werelds beste gitarist. Hij genoot onder andere in het Oostblok een grote populariteit. De band zou een naam opbouwen met marathonoptredens tijdens veelvuldige tournees. Zo speelden zij op 15 december 1973 tijdens een nachtconcert voorafgaand aan een autoloze zondag in De Doelen in Rotterdam net zo lang door tot de bezoekers de eerste trein naar huis konden nemen. In de jaren '70 speelde ook de Belgische bluesgitarist Roland Van Campenhout regelmatig mee in de band van Gallagher.
Gallagher had veel succes met zijn live-optredens, maar scheen er nooit in te slagen dat op de plaat vast te leggen. Hij schuwde met zijn houthakkershemden en zijn afgeragde FenderStratocaster alle vormen van glamour en deed ook nooit een poging een hit te maken. De '61-stratocaster had dit afgeragde uiterlijk overigens vooral gekregen door het zweten van Gallagher en niet zozeer door ruw gebruik: door een zeldzame bloedgroep zweette de gitarist dermate zuur dat het als een soort verfafbijt fungeerde. Hij had een grote schare trouwe fans onder wie vele epigonen die tijdens zijn concerten luchtgitaar speelden.
Tijdens een concert in januari 1995 in Nighttown in Rotterdam bleek Gallagher zo ernstig ziek, dat het voortijdig moest worden afgebroken. De zanger werd opgenomen in het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam en later overgebracht naar een ziekenhuis in Londen. Daar onderging hij in april 1995 een succesvolle levertransplantatie. Hij overleed echter twee maanden later aan een longontsteking. Hij ligt begraven aan de Saint Oliver's Cemetery in Cork.[1]
In 1997 bracht de firma Fender een speciale Rory Gallagher Signature Stratocaster op de markt, die tot in de kleinste details (inclusief alle beschadigingen) op Rory's favoriete gitaar lijkt. Gallagher had zijn exemplaar (gefabriceerd in 1961) in 1963 tweedehands in Cork gekocht voor 100 pond.
Liefde is een vreemd verschijnsel, ten minste voor mij. Roept u maar, dat is nog een verrassing, wij weten het, zij nog niet. Soms denk ik alles goed te doen, maar blijkt dat anders te voelen bij mijn geliefde. Dat geeft dan een moment van twijfel, niet aan de liefde, maar meer aan mezelf. Waarom snap ik dat niet? Het is geen onwil, eerder onmacht, iets wat ik niet kan. Of is dat te makkelijk om me er zo van af te maken? Dat hoor ik Joop zeggen en mijn oma, waar een wil is, is een weg. Het is niet moeilijk, liefde, het is om van te houden, net als van jou.
Weer terug naar de orde van de dag. Na een weekeinde thuis, samen met Julia en Danny, ga ik vandaag weer naar het werk, een hele week en dat is best wel lang. Julia en Danny zijn weer naar leeuwarden, de studie begint weer, een nieuw leerjaar. Spannend.
Ik moet iets rechtzetten en vertellen hoe dat gaat bij mij, voordat ik allerlei reactie's krijg van ongeruste mensen of mensen die er niets van begrijpen. Het valt alle maal wel mee met de verkeerde paden, zijsporen of opgebroken wegen, die ik al dan niet bewandel en waarover ik loop. Als ik elke dag een verhaaltje probeer te schrijven, meestal 's avonds, ook wel zoals nu 's middags, dan ben ik een bepaalde stemming, al naar gelang de dag is verlopen of wat ik tegen ben gekomen. Meestal gaat dat prima, maar er zijn momenten van melancholie, die me overvallen, als ik rustig in mijn stoel zit. Zo ook gisteravond. Onverwacht, maar ik ben wel aan het schrijven en dat lees ik dan de volgende dag terug. Ik ben een tevreden en gelukkig mens, tevreden met mijn leven, zoals dat nu gaat en gelukkig met de mensen om me heen, dat is wel eens anders geweest. Maar als ik terugkijk zijn er wegen die ik graag had bewandeld, dat stemde me somber, maar het kan nog. Ik las vanmorgen een versje van Freek de Jonge, die vandaag 70 is geworden, ik heb het ook aan Carien gestuurd, maar wil het jullie ook graag laten lezen.
Wees niet bang,
wees niet bang je mag opnieuw beginnen,
vastberaden doelgericht of aarzelend op de tast,
houd je aan regels volg je eigen zinnen,
laat die hand maar los of pak er juist een vast,
wees niet bang voor al te grote dromen,
ga als je het zeker weet en als je aarzelt wacht,
hoe ijdel zijn de dingen die je je hebt voorgenomen,
het mooiste overkomt je het minste is bedacht,
wees niet bang voor wat ze van je vinden,
wat weet je van een ander als je jezelf niet kent,
verlies je oorsprong niet door je te snel te binden,
het leven lijkt afwisselend maar zelfs de liefde went,
wees niet bang je bent een van de velen,
tegelijk is er maar een als jij,
dat betekent dat je vaak zult moeten delen,
en soms zal moeten zeggen laat me vrij.
En zo'n tekst komt dan precies op het goede moment, de zon schijnt, de vlinders fladderen, ik kan de wereld aan en al het zwarte en de zwaarte in mijn hoofd zijn verdwenen, het is weer licht.
Niemand hoeft ongerust te zijn, het gaat goedmet me. Vanavond naar Kees en Joke, die hun verjaardagen vieren.
Mijn oude motorpak ligt op een stoel van de veranda, laarzen staan ervoor, Peter heeft het terug gebracht. Joop hoopte dat hij besmet zou raken met het motorvirus door zijn motor aan hem uit te lenen, maar hij vindt het goed zo. Geen week weg op de motor, gezond verstand en andere keuze's, een lang weekeinde is genoeg. Het is goed dat we elkaar vrij laten in het kiezen van wat we willen, we moeten al zo veel.
Dag in, dag uit wordt mijn leven bepaalt door de druk van het bestaan, het werk, de dagelijkse beslommeringen en ik vergeet te leven samen met mijn geliefden en gelukkig te zijn.
Als ik er goed over na denk, ben ik verdwaald, de weg kwijt op mijn levenspad. Wat is de zin van het leven, vroeg mijn vader op een ongelukkig moment bij het kampvuur. Een huis vol boeken en platen, mijn vader had gelijk, wat heeft het voor zin? Aan een verzameling komt nooit een einde, er is altijd wel een laatste wens, onbereikbaar en dat moet zo blijven.
Vanavond zit ik hier, blij met zoveel muziek, maar ik ben alleen, de hond ligt aan mijn voeten, er is niemand.