Onstuimig.
Het weer was de afgelopen week erg onstuimig, een understatement, net als het feit dat de reactie's op de moorden in Frankrijk van vorige week onstuimig waren, stormachtig, haast niet tot bedaren te brengen. Het weer kunnen we beter voorspellen en vooruitzien dan het handelen van mensen, dan bedoel ik niet alleen extreem gedrag, maar ook hoe we met elkaar omgaan thuis, op het werk, op de school, waar dan ook of gewoon als we elkaar tegen komen, onvoorspelbaar zijn we en zo moet het blijven, in alle respect naar elkaar toe, dat moeten we niet vergeten, nooit vergeten. Mensen zijn kuddedieren, ik betrap mezelf er ook vaak op, eerst is er het 'Je suis Charlie' gevoel, terecht in de eerste emotie van het onbeschrijfelijke drama, ik ga mee in de machteloze woede over de daad, maar ik ken Charlie Hebdo niet, nooit van gehoord. Als ik de cartoons zie moet ik lachen, ben ik stil, een glimlach net als bij de oudejaarsconferentie van Youp van het Hek, het raakt me op mijn manier en als ik het niet leuk vind dan kijk ik er niet naar of ik val in slaap, zet de televisie uit, maar ik ga er niet over klagen, zeuren en al helemaal haal ik mijn geweer niet uit de schuur om mijn gelijk te halen. Mijn gelijk dat ken ik niet, want het is zo mooi dat we allemaal verschillend zijn.
Ondertussen spelen the Scorpions een live concert in Japan, 24 & 27 april 1978, Tokyo.
Pas op de plaats.
Even kalm aan, dat doe ik eigenlijk altijd wel, maar af en toe moet ik mezelf dwingen om vroeg naar bed te gaan. Nu is dat geen probleem, tot laat gewerkt, morgen weer vroeg op, een zieke collega, eigenlijk vrij, maar ik werk alleen 's morgens. Een beetje winter, natte sneeuw en ik moest krabben vanavond, lichte vorst, het stelt niets voor tot nu toe.
Zondvloed.
Het regende de afgelopen dagen en nachten overvloedig, bijna een zondvloed waardig, maar mijn houten huis staat nog steeds op de zelfde plek, het is geen ark geworden. Ik heb het verhaal van de zondvloed nog eens gelezen, eerst in de Rembrandt Bijbel, statenvertaling, oude taal begrijpelijk als je er mee opgegroeid bent, anders leg je het boek gelijk aan de kant. Daarna heb ik het verhaal gelezen in de Bijbel die ik kreeg ter afsluiting van mijn zondags school periode, 1965 staat er voorin, maar ook die taal kennen we niet meer. Om dicht bij de originele tekst te blijven die voor iedereen begrijpelijk is, las ik Het verhaal gaat .... van Nico ter Linden, dominee. Hij vertelt het verhaal van Noach, legt het uit, maakt het spannend, in de taal van nu. Niet iedereen zal er blij mee zijn. God sloot een verbond met Noach, God zegende Noach en de zijnen: 'Wees vruchtbaar, wordt talrijk, vervult de aarde. Zie, ik richt mijn verbond met jullie op en met jullie nageslacht en met het gevogelte, het vee en de wilde dieren.Geen leven zal ooit meer door de wateren van de zondvloed worden verzwolgen. Dit is het teken van het verbond dat ik stel tussen mij en jullie en al wat leeft, voor altijd: de regenboog in de wolken. Als donkere wolken zich boven je samenpakken, hef dan je ogen ten hemel op. Wanneer dan in de wolken deboog zich laat zien, die hemel en aarde verenigt, weet dan dat ik mijn verbond gedenk. Vreest niet' (uit Het verhaal gaat van Nico ter Linden). Ik vreesde het water niet, maar ik werd er wel wat sikkeneurig van als ik met de hond door de modder moest wandelen of de pony uit de wei ging halen en tot mijn enkels in de blubber zakte, terwijl het doorregende. In de tijd van Noach regende het veertig dagen en veertig nachten, dan valt het nu wel mee. Ik had de film Noah gedownload, toch maar niet gekeken, het gelezen of vertelde verhaal blijft het mooiste, vooral in mijn herinnering daar kan geen film tegenop. Ik loop door de regen, de modder, mopper op het weer, denk aan Noach en het boekje van James Baldwin 'The fire next time' met op de eerste bladzijde 'God gave Noah the rainbow sign, No more water, the fire next time!' Zijn we nu in die tijd van 'the fire next time' beland of denk ik nu heel pessimistisch? Een kort stukje uit het boek van James Baldwin. ' Dit is de reden waarom er zo wanhopig naar liefde gehunkerd wordt en waarom ze zo listig uit de weg wordt gegaan. Liefde rukt de maskers af zonder welke wij vrezen niet te kunnen leven en waarachter wij weten niet te kunnen leven. Ik gebruik het woord 'liefde' hier niet alleen maar in persoonlijke zin, maar als een staat van zijn, of een staat van genade - niet in de infantiele Amerikaanse zin van gelukkig gemaakt zijn, maar in de taaie en universele zin van zoeken en wagen en groeien. Een boekje uit 1963.
Oude mensen.
Oude mensen gaan dood dacht ik toen ik jong was en dat is ook zo. Ik probeer mezelf gerust te stellen, zestig was vroeger oud, nu is het een middelbare leeftijd, maar wel ver over de helft van mijn leven. Tante Janny ligt op sterven, een zus van mijn vader, bij wie ik in mijn jonge jaren vaak logeerde, neef Wim had een prachtige en uitgebreide treinset waar hij nauwelijks mee speelde en ik dus wel, neef Martin was jonger en had niet zoveel te vertellen, maar hij was wel de aardigste van de twee neven. St. Anna Parochie waar ik logeerde als 14/15 jarige puber, ik kon aardig tekenen en tekende het portret van een meisje die bij neef Wim op bezoek was of waren er meer meisjes en jongens, in ieder geval was het een succes. We gingen naar de jeugd soos waar de dorpsjeugd samen kwam, of er bier geschonken werd weet ik niet meer, wel dat het meisje, Aukje Faber mooi en blond, er was, dat we zoenden en dat neef Wim opeens weg was, naar huis bleek later. Verder weet ik er niet zo veel meer van, we hebben geschreven, foto's gestuurd en ik heb nog een tijd van haar gedroomd. Tante Janny en oom Jaap kwamen met de caravan naar Haselunne en bleven een paar week naast mijn ouders staan. Jaap en mijn vader konden goed overweg, vissen, kaarten, praten over de voorgangers en de kerk ( niet over het geloof), ze kenden de gemeenten in het noorden. Eigenlijk weet ik niet zo goed of Janny en mijn moeder goed met elkaar overweg konden, misschien dat er verschil was tussen vouwwagen en caravan, reizen en tevreden zijn met een vaste plaats bij haselunne, maar daar werd ook niet over gepraat. Tante Janny was een lieve vrouw, die me verwende als ik bij hun was, ze hadden het wat ruimer als wij thuis. Anita Ekberg is overleden, een mooie foto in de krant van haar in de Trevi fontein in Rome, de film La Dolce Vita van Fellini, als je die niet kent, zoek op google en je ziet een mooie, wulpse vrouw in het water, een icoon, zo mooi en ik zie haar vorig jaar op bezoek in Amsterdam, ter ere van Fellini, in een rolstoel. Mijn broer Jan Jacob en Biny zijn nog samen met mijn moeder bij tante Janny geweest, emotioneel als je alles nog zo goed weet, maar het lichaam wil niet meer, kus tante Janny.
Langer licht.
Ik vind het elk jaar weer een prettig moment als ik zie dat het langer licht bijft, zo rond half januari, het maakt niet uit of het koud is of zoals vandaag, wind met regen en hagel. Het licht gaat er ook anders uitzien, helderder lijkt het wel of is dat verbeelding? Langer licht doet verlangen naar het voorjaar, helemaal als de winter besluit om voorlopig weg te blijven en het nog steeds herfst lijkt. De houtkachel maar aan dan wordt het heerlijk warm. In de zaterdagkrant heb ik alle commentaren, meningen, columns, ingezonden brieven/stukken gelezen over het vreselijke gebeuren in Frankrijk van de afgelopen week, maar over ik er wijzer van ben geworden? Het is even nieuws, als de glans er af is gaan we snel over naar de volgende ramp of misschien eens een goede tijding, maar dat is nieuws, het is oud voordat de dag voorbij is. En leren we er van met ons allen of is het een onbegonnen zaak, we roepen "wat erg, wat naar, verschrikkelijk" en gaan door met ons leven alsof er niets gebeurd is. Misschien moet dat ook om te kunnen overleven, te kunnen doorleven in zo'n wereld, waar de verschillen op alle gebieden, in alle streken (de wereld is langzamerhand klein geworden) zo ongelofelijk groot zijn. Ik zit hier in het noorden van Nederland in mijn oude stoel in een warm huis met een kast, koelkast en vriezer vol eten, een grote tuin, waarin ik groentes verbouw, niet omdat het nodig is, maar omdat ik er plezier in heb. Wat is het verschil dan groot als ik denk aan mensen die van de verbouw van hun groentes afhankelijk zijn, met moeite rondkomen, kilometers moeten lopen voor water, als dat er al is en als de oogst mislukt niet even naar de winkel kunnen gaan om alsnog eten te kopen. Waarom worden problemen niet wereldwijd aangepakt? Dat lijkt me toch niet zo moeilijk, de wereld is een dorp geworden, ik loop morgen bij de buren binnen die aan de andere kant van de wereld wonen. Zijn we bereid om een deel van onze welvaart in te leveren zodat iedereen het beter krijgt? Ik kan wel hard ja roepen, maar als morgen een kwart van mijn loon wordt ingehouden als welvaarts belasting voor een betere wereld, dan piep ik waarschijnlijk anders, ik ben ook een struisvogel idealist. Ik moet anders gaan denken, wij moeten anders gaan denken, niet meer als wij en zij, maar een als wereldwijd wij, we horen er allemaal bij, maar dat beseffen we nog niet of te weinig, het is nog te vaak ikke, ikke en de rest kan stikke.
Ook zo'n luxe, platendraaien, ik draai Let it be, ooit gekregen van mijn vader die de plaat had gewonnen bij het klaverjassen, maar hij hield niet van dit soort muziek, gelukkig voor mij.
Zaterdagmorgen.
Een morgen waarop ik uitslaap als ik vrij ben, af en toe overkomt me dat en ik geniet er elke keer weer van. Rustig opstaan, geen gehaast van ik moet werken, maar het besef dat de wereld iets minder snel draait, omdat ik thuis kan blijven. Ik zet de verwarming hoger, de waterketel aan en neem de hond mee naar buiten, eerst zet ik Jessica, de pony, in de wei. Ze krijgt een flinke pluk hooi, die ik in de wei gooi, ze redt zich er wel mee en een bak vol water, ook belangrijk. Daarna loop ik een flink stuk met Remie de hond, die zich al om de bek likt, want als ze terug komt krijgt ze iets lekkers, dat is al zo sinds jaar en dag. Ik haal de krant uit de brievenbus, die al jarenlang trouw wordt bezorgd door de zelfde vrouw, het maakt niet uit wat voor weer het is, de krant zit in de bus. Op de grote tafel van Johan is een plek vrij voor de krant, tweede stoel van rechts onder de lamp, zodat ik het goed kan lezen, nu al jaren met een leesbril. 's Zomers buiten kan ik het nog zonder bril lezen, maar het wordt elk jaar minder. Dan is er koffie, oploskoffie met suiker en melk, al jarenlang hetzelfde, heerlijk en in een grote kop. Meestal doe ik de avond ervoor een broodmix, dat kan van boeren weet ik veel, meergranen, ciabatta of een eigen bedacht mengsel zijn, in de broodbakmachine en 's morgens vroeg hoef ik het brood alleen nog maar te bakken in wat voor vorm dan ook. Ik lees de krant, drink koffie, klassieke muziek klinkt op de achtergrond, ik ruik de geur van vers gebakken brood, zaterdag morgen kan niet lang genoeg duren, maar het is wel een beetje alleen.
All right now.
Gisteravond draaide ik de plaat Heartbreaker van the Free, dan komt er een golf van herinneringen over me heen, voor het eerst gehoord op de radio bij Super Clean Dream Machine dat gepresenteerd werd door Ad Visser van Toppop. Vandaag Free live met All right now en daarna de lange versie van de lp Fire and Water. De huilende gitaar van Paul Kossoff past bij deze dagen van rouw, niemand kon de gitaar zo laten janken als hij, helaas te vroeg overleden. Ik kijk op google, Free, Paul Rodgers, enz. en zie dat Paul een nieuwe plaat heeft gemaakt met soul klassiekers, in de begeleidingsband spelen veel muzikanten van de originele opname's, een droom voor een zanger en zo klinkt het ook, The Royal Sessions, zo heet de plaat is prachtig, Otis Redding, Sam Cooke, what a wonderful word this could be en meer, Steve Cropper en Booker T. Jones. Misschien overbodig, maar wel mooi om naar te luisteren. Werk en muziek zorgen ervoor dat ik met mijn hoofd niet steeds bij het drama van Parijs ben, het lijkt wel of Frankrijk in oorlog is, tegen wie? Ik hoor berichten waar ik bang van word, straks het journaal kijken, Paul zingt, Born under a bad sign, bad luck and trouble, zou dat het zijn, maar dat is te gemakkelijk, het gaat over de liefde en niet over het geloof, dat maakt een groot verschil of niet, ik weet het niet. Paul zingt, I've got dreams to remember van Otis Redding, dromen zijn bedrog, maar nu wil ik ze zo graag geloven en er alles voor doen dat ze uitkomen. Op de deuren hangen al een tijdje de poster van John &Yoko: War is over, if you want it. Zo makkelijk is het, geloven in iets.
Mijn naam is Charlie.
Ik heb er te weinig over gehoord vandaag, collega's zijn druk met de dagelijkse gang van zaken of hun eigen bezigheden. Ik hoor "het komt wel heel dichtbij", een dooddoener die ik ook weet te verkondigen, maar wat kan ik beginnen tegen geweld waar we geen woorden voor hebben. Niet bang zijn is het eerste waar ik aan denk, maar ik woon in noord oost groningen, waar nooit iets gebeurd op een aardbeving na, maar dat is niet persoonlijk en het treft iedereen ongeacht geloof of ongeloof, dus niet bang zijn is heel gemakkelijk. Misschien wordt het tijd om weer portretten te maken van soldaten, slachtoffers, mensen in nood en weet ik veel. Mijn stem te laten horen in een getekend beeld, als protest tegen geweld dat nooit ver weg is, het zit in mij zelf, maar daarom ben ik nog geen dader.