Geen blog.
Het was laat, nog even bellen met mijn lief, dat duurde langer dan ik dacht, dat is belangrijker dan een verhaaltje op mijn blog, ik schrijf het wel terug in de tijd dacht ik, maar het werd opgemerkt, ook niet zo heel erg, maar het geeft wel te denken, schrijf ik het voor mezelf of voor anderen en waarom? Wel heel fijn dat ik in de gaten word gehouden, ik kan er niet zo maar even tussen uit. Er zijn nog zo veel verhalen te vertellen over lief en leed, voorspoed en ellende, het houdt niet op, nooit.
Volle maan en onweer.
Ik zat buiten in de wind, gerommel, flitsen, een bange hond bij mijn voeten, schreef een heel verhaal, maar toen ik op het vakje verwerken drukte verdween het verhaal in de donder, weg, buiten kan ik wel schrijven, maar heb geen contact met het internet ofzo. Niet zo heel erg, vaak schrijf ik oppervlakkigheden, onzin over de warmte vandaag, we moeten meer gaan auto rijden, de kachel hoger zetten als het een beetje koud is, de airco vol aan met deze hitte, meer energie verbruiken, zodat de winters warmer worden en de zomers nog heter. De deuren open, de temperatuur zakt binnen, het wordt aangenaam, the Doors spelen heel toepasselijk Light my fire, live extra lang, donder en bliksem, lekker hard, de buren zijn op vacantie, niemand heeft er last van, wat een heerlijk huis. Toen ik thuis kwam heeft de pony een paar wortels gehad, het is volle maan, die oranje schijnt boven het weiland, ze is met pensioen, een rustige oude dag, dat heeft ze verdient. De hond ligt boven op het matje voor het bed te hijgen, zo bang is ze voor onweer, het hoost van de regen, wel goed voor de pony, een beetje verkoeling. Morgen een nieuwe dag, net als anders, nu is het noodweer, ik zet riders on the storm op, ik hoef de aardbeien geen water te geven vandaag. Knal boem.
The sun is shining.
Gisteren was het prachtig weer, een strak blauwe lucht, een fris windje, waardoor het niet zo warm leek als het was , schijn bedriegt, ik zat te lezen, uitstel gedrag, viel in slaap en werd een uur of zo later wakker door het geblaf van de hond. Ik voelde mijn gezicht gloeien, nog ingesmeerd met een after sun, het was rood en bleef rood, er was niets aan te doen. Vanmorgen toen ik opstond zaten mijn ogen bijna dicht, zo opgezet was het, met mijn hoofd onder de koude kraan hielp iets, gekke gezichten trekken ook, in de loop van de morgen trok het weg, de bruin rode kleur bleef. Vandaag bijna de hele dag buiten op het werk, prachtig, maar wel warm en het kost heel veel energie, om 15.00 uur was iedereen kapot en zochten we een plekje in de schaduw in de wind aan de waterkant, liggenin het gras of hangen in een kruiwagen, heerlijk rustig. Thuis gelijk voor de dieren gezorgd, de pony drinkt liters water, de laatste tijd laat ik haar uit aan het halstertouw, een half uurtje het ruiterpad op en neer, daar staat genoeg gras, ik sta erbij, kijk er naar en geniet van alles, het leven op het platteland. De krenten van de krentenboom kleuren rood, de vogels smullen er van, ik zag veel rode aardbeien, lekker op een beschuit morgen vroeg, de kersen zijn ook bijna donkerrood, ik hoop dat ik op tijd ben om ze te plukken voor er zwermen vogels op duiken. Gordijnen dicht, rustig aan, misschien in het weekeinde buiten slapen of ook wel eerder, ik zie wel. The sun is shining gaat het liedje, and it's a raining in my heart, dat valt dan gelukkig wel weer mee. Het blijft mooi weer.
Lopen om te leven.
Ik heb net de documentaire gezien overJan Knippenberg, hardloper, die van Hoek van Holland naar Stockholm liep, 2 marathons per dag. Op het einde zag je de laatste keer dat hij liep, ik kan nog zo doorgaan, zei hij, mager, hij stierf aan longkanker, nooit gerookt, JONG. Muziek van the Doors, the Band, jaren zeventig, het leven was onbekommerd, ik deed maar wat, op de motor met Jolle naar Frankrijk, liftend door Engeland, werken tot je er bij neer viel en dan ook nog 's avonds naar de kroeg, 's morgens stijf van de spierpijn opstaan, pas na de eerste pauze om half tien werd het iets beter, hardlopen deden we pas later. Trainen voor een marathon hoe doe je dat, we wisten nergens van, elke loop liepen we op wedstrijdsnelheid, zo hard we konden, tien, twintig, dertig kilometer, van te voren legden we drinken klaar op bepaalde punten, maar eigenlijk hadden we daar geen tijd voor, lopen, doorlopen, zo hard als we konden. Pas later ontdekte Jolle trainings schema's en dat soort dingen, interval, duurlopen niet te snel. Nu zijn mijn benen stijf en stram, een zere knie speelt de laatste tijd op, misschien moet ik er toch eens naar laten kijken, soms heb ik er maanden geen last van, zo sukkel ik door, hardlopen doe ik niet meer, maar de beleving zit nog in mijn hoofd.
Oude muziek.
Nog meer oude muziek op televisie, ik keek naar de afsluiting van Glastonbury op BBC2, heel groot, the Who trad op, ten minste twee leden van de originele band, ze bestaan 50 jaar als groep. Pete Townsend schreef bijna alle nummers, van eenvoudige popsongs tot een prachtige rockopera, later nog eentje, optredens vol vuur herinner ik me. Ik kocht een tijd geleden het optreden op het festival Isle of Wight uit 1970 op plaat, het knettert, dondert, vuur spat uit de speakers, de drummer trommelt zijn stokken kapot, trekt gekke bekken, hij is niet te houden, de bassist heeft een skelet pak aangetrokken, staat op zijn plek, beweegt weinig, de bas gromt, buldert, de gitarist speelt, zijn arm molenwiekt, raakt steeds de snaren op het goede moment, het knalt uit de boxen, de zanger doet zijn best om er boven uit te komen, zijn microfoon zwaait hij, draait hij aan het snoer en vangt hem weer op. Dat heb ik vanavond niet gezien, het was stil op het podium, alle bekende nummers kwamen voorbij, maar het vuur is gedoofd, het publiek genoot met volle teugen, daar gaat het om, je moet er bij zijn geweest om te kunnen zeggen hoe het was, thuis achter de tv is er geen sfeer, alleen de herinnering aan toen, misschien moet ik die loslaten om er van te kunnen genieten en niet vergelijken met vroeger, maar the Who speelde toen echt veel beter, eerlijker, eenvoudiger, My Generation kreeg een nieuw couplet over hoe die generatie er nu nog is en leeft, I hope I die before I get old, dat is het ultieme einde, dat zijn ze vergeten en je hoort het.
The Free.
You tube is een mooi iets, ik kijk naar concerten van groepen die ik nooit live heb gezien, alles is te zien, iedereen, ook al ben je vergeten door de grote menigte, ergens in de uithoeken, de achterkamertjes van youtube of het internet is het te vinden. Ik zoek in die achterkamertjes en vind live concerten van the Free, Paul Kossoff op guitar, prachtig alsof ik er bij ben. De eenvoud van het optreden, de apparatuur is nu ondenkbaar , maar zoveel mooier als de opgeklopte shows die ik soms zie, ook van Free zanger Paul Rodgers samen met Queen, maar het is waarschijnlijk de romanticus in mij, vroeger was alles beter en zie het gebeurt, het komt terug, de eenvoud, de instrumenten. Niet alle reunie concerten zijn prettig om naar te luisteren, soms tenen krommend, laat staan om er naar te kijken, nog even youtube. De batterij is leeg, straks verder. Zondagmorgen, ik zit buiten op de veranda te genieten van het goede Groningse leven, heerlijke cappucciono, geroosterd brood met een eitje, vers geperste sinasappelsap, de zaterdag krant helemaal gelezen. Gisteravond keek ik naar een oud concert van the Free, er volgde en documentaire over de gitarist van de groep, Paul Kossoff, op 27 jarige leeftijd overleden, daarna kreeg ik automatisch oude filmpjes van muziek uit die tijd te zien, begin jaren zeventig, ik kon rustig blijven zitten, kijken, luisteren en me verbazen wat er allemaal bewaard is gebleven. Het enige nadeel is, dat je te lang blijft kijken, het is zo weer laat.
Kersenboom en herinnering.
Ik zit naast de grote kersenboom in de zon, lees de krant, wereldnieuws, persoonlijke ontboezemingen, commentaar waar ik niet altijd op zit te wachten, maar wel lees, ik mocht eens iets missen, ik voel me thuis in mijn huis, in mijn tuin, hier. Het klinkt zo bezitterig, mijn huis, het is een dood ding, wel zelf gebouwd, de buitenkant en binnen, ik ben er gelukkig, maar verder is het een stapeltje houten balken met een dak, veel platen en boeken, wat apparaten, een mooie tafel van Lo, een bank en een oude stoel, dat was het zo'n beetje, veel rommel, wat je door de jaren heen verzameld, hoe kom ik er van af? Opruimen, weggooien, maar er kleven veel herinneringen aan die rotzooi, moet ik die ook weggooien of bewaren, ze horen bij elkaar en bij mij, ik ben er nog niet uit.Even bijpraten over een moeder met dementie die verhuisd is, zodat ze dichter bij haar kinderen woont, in een omgeving komt waar goed nederlands wordt gesproken, zodat ze het gesprek kan volgen, verstaan, ook al begrijpt ze het misschien niet. Waar voel je je nog thuis als de wereld om je heen verdwijnt, je er niets meer van begrijpt, je leeft in je eigen herinnering en daar snap je ook niks meer van, alles vervaagd, verdwijnt tot er niets meer over is. Gelukkig weten wij nog wie ze was, hoe ze was, altijd zorgzaam, niemand kwam iets te kort, er was altijd genoeg te eten, alles moest op, 's morgens thee en koffie, veel soorten brood en beleg, als er niet genoeg was kwam de srv man langs, een kelder vol met bier, wijn en sterke drank, het leven was goed in hun huis, ik zou er graag nog eens langs gaan, maar ik moet het doen met de herinnering, het huis is gesloten, voor altijd.
Zo gaat het in een leven, ik denk als mij het overkomt, zet me dan maar in de kano die naast de schuur ligt, duw me met liefde de zee in en laat me verdwijnen, mijn eigen einde kiezen, maar ik weet dat het een illusie is, ik houd me waarschijnlijk te lang aan het leven vast tot het te laat is om met die kano weg te gaan, ik kan mijn geliefden niet loslaten en misschien is het de bedoeling van het leven om het helemaal te leven, van het begin tot het einde, bewust en misschien, ik hoop het niet, op het einde onbewust, nu ben ik er nog. De wind waait, de zon verdwijnt achter de bosjes, de hond ligt in het gras te slapen, mijn eten staat in de oven, morgen kan ik uitslapen, wolken aan de hemel, ik hoor een motor voor bij rijden en denk aan vorig jaar, dat komt elke dag wel even voorbij in mijn hoofd. Waarom hebben we er mee gewacht tot we zestig werden, het maakt niet uit, we hebben de reis gemaakt, het was prachtig, ongelofelijk mooi.
Creation.
Ik heb het keukenraam open gezet om naar de muziek te kunnen luisteren, het klinkt ver weg, auto's rijden voorbij, geraas, op het sportveld wordt het volleyball toernooi gespeeld,( in een ver verleden werden we tweede, maar waren we de beste), piano muziek klinkt bij flarden, Creation door Keith Jarrett, vijf sterren in de krant, dus moet het wel goed zijn. Ieder zijn persoonlijke belevenis, recensenten moet je niet altijd, eigenlijk nooit, vertrouwen op hun oordeel, het zijn goedwillende mensen, die denken dat ze weten wat mooi is, op welk gebied dan ook en dat aan de hele wereld verkondigen, een beetje terughoudendheid is soms op zijn plaats, laat de luisteraar, de kijker of wie dan ook, het zelf bepalen zonder oordeel van de kenner. Maar deze muziek is inderdaad prachtig, Koln Concert is ook zo'n mooie plaat, Keith Jarrett is de man, luister naar alles wat hij heeft gespeeld, downloaden kan op the pirate bay. Ik zit buiten omdat het binnen te koud is, de krant lezen, een boek van Pat Barker, Keith klinkt door het keukenraam, tijd om te gaan eten, nog geen zin, mijn lief is in de contramine, ze is nog jong, doet aan boksen, wat wil ik nog meer, misschien dat ze hier is, de vogels fluiten, zingen, zij hebben het makkelijk, ze jagen achter elkaar aan, een nestje, jongen en dan weer weg, soms ook wel tragisch als de poes langs is geweest. Keith speelt verder, het wordt steeds mooier, minder auto's meer muziek, tijd om de weg af te sluiten, misschien moet ik eens met minister Kamp gaan praten, de weg is niet aardbevings bestendig, een oude spoorlijn en dient gesloten te worden om ongelukken te voorkomen, nu speelt hij heel mooi, ontroerend. De volleyballers spelen hun wedstrijd, ik drink nog een biertje, het is niet eerlijk, maar verschil moet er zijn, de hond blaft, auto's worden vlakbij geparkeerd, het jaarlijkse hoogtepunt in ons dorp met als afsluiting een feestavond met band, iets van de Hazes showband dit jaar, Henk Wijngaard was hier ook al eens, daar is niks mis mee, er komen honderden mensen op af, maar het is niet iets waar ik heen ga, het liefst uit ga ik het uit de weg. Keith speelt verder, improviseert op de piano, ik zit binnen, luister, hij speelt zoals wij volleybalden achttien jaar geleden, onvoorspelbaar en met plezier, we werden geen eerste, maar we hadden veel heel veel lol. Zo is het maar net met herinneringen.
Herinneringen aan het wielrennen, tour de france, prachtig, we speelden het na op de fiets, wie was wie, we luisterden elke dag naar het verslag van de etappe op de radio, Theo Koomen, 's avonds keken we naar de herhaling op tv, 's morgens kochten we een krant alleen voor het tour verhaal en de uitslag. Nu zie ik Joop Zoetemelk in een reclame in een gele trui, mijn broek zakt af, niks is meer zoals het geweest is, alles veranderd, misschien ook wel goed, maar Joop hoort niet in een reclame.