thuismetsijtze.reismee.nl

Slaap.

Na het journaal loop ik een beetje wezenloos door het huis, ik moet gapen, koffie helpt niet, slaap overvalt me, maar ik geef er niet aan toe, ik sta op, ga naar buiten en geef de pony een wortel. Het is warm, gistermorgen was het dertien graden toen ik naar het werk reed, ik verlang naar kou, zon en dagen die langer worden, kortom een winter die langzaam overgaat in het voorjaar, in plaats dat de herfst voortduurt tot de zomer. Gunstig voor de energierekening is het warme weer wel, de zon laat het helaas afweten, anders liep de meter nog verder terug. Ik mag niet klagen, zonnepanelen, een boiler die het water verwarmt met de buitenlucht en straks een verwarmings apparaat dat maar een kwart van de energie verbruikt dan de huidige panelen, maar de meter moet naar nul. We zien wel, eerst maar eens een echte winter, de slaap is verdwenen, toch vroeg naar bed.

Tweede kerstdag.

Vanmorgen gewerkt, vanmiddag een flink stuk met de hond gelopen, daarna gepraat, samen gegeten, nog meer gepraat, een toetje met ijs. Nu een film kijken, UP, redelijk vroeg naar bed, morgen weer werken.

Samen of alleen.

Kerstfeest is het feest van samen, hoor ik op het werk, om me heen, van familie en soms ook van wild vreemden. Met de familie zijn we samen gekomen op de zaterdag voor kerst, zodat iedereen vrij is om de kerstdagen samen met kinderen, kleinkinderen of vrienden te vieren, volgens het woordenboek is Kerstmisvieren - feestelijk doorbrengen of gedenken, dat klopt dan wel aardig. Vanmorgen op eerste kerstdag vierde ik dat alleen met koffie en een paar plakken zelf gebakken kerstbrood met spijs, heerlijk, eigenlijk was ik niet helemaal alleen, de hond en de pony waren er ook en om het helemaal in stijl te vieren hadden we ons in de stal terug kunnen trekken, stro en hooi genoeg. Het ruikt zo lekker, stro in de stal en het lijf van de pony maakt het binnen de korste tijd aangenaam warm, zo was het in Bethlehem ook met de os, de ezel en de schapen, niks geen centrale verwarming of heather, puur natuur en uiterst modern als ik de verhalen in de krant lees over nieuwe vormen van energie, ik doe er driftig aan mee. Samen een feest vieren is toch wel een stuk gezelliger, morgen zit het huis weer vol, de houtkachel gaat wel aan, want onze lijven stralen heel veel minder warmte uit dan dieren, anders krijg ik het huis nooit op temperatuur en begint iedereen te klagen.

Voor de goede orde, kerstkaartjes verstuur ik al heel lang niet meer, wel een kaartje om iedereen een gelukkig nieuwjaar te wensen, die ga ik de komende dagen maken en versturen, op oudjaarsdag zet ik een kaartje bij het verhaaltje, niet eerder anders is het nieuwe er al in het oudjaar van af.

Een kerstverhaal van Godfried Bomans.

Een kerstverhaal van GodfriedBomans

Er was eens een man die het kerstfeest grondig wilde vieren. Hij haalde een laddertje uit de schuur en spande langs het plafond de rode papieren slingers die daarvoor garant zijn. Aan de lamp hing hij een van die rode bellen, die opgevouwen weinig lijken, maar naderhand nog aardig meevallen. Toen dekte hij de tafel. Hij had hiervoor urenlang over drie winkels verdeeld in de rij gestaan, maar het zag er dan ook goed uit. Naast elk bord stak hij ten slotte een kaarsje aan, waarvan je er tien in een doos koopt, en klapte in zijn handen. Dit was het teken om binnen te komen. Zijn vrouw en kinderen, die al die tijd in de keuken elkaar met een verlegen glimlach hadden aangekeken, kwamen bedremmeld binnen.

“Nee maar,” zeiden ze, “dat had je niet moeten doen.”

Maar omdat hij het toch gedaan had gingen ze blij zitten en keken elkaar warm aan.

“En nu gaan we niet alleen smullen,” zei de man, ” we moeten ook beseffen wat er nu eigenlijk gebeurd is.”

En hij las voor hoe Maria en Jozef alle herbergen afliepen, maar nergens was er plaats. Maar het kind werd ten slotte toch geboren, zij het in een stal. En toen begonnen ze te eten, want nu mocht het, al was er dan veel ellende in de wereld.

“Kijk,” zei de man “dat is nu Kerst vieren en zo hoort het eigenlijk.” En daarin had hij gelijk. En zij verwonderden zich over de hardvochtigheid van al die herbergiers, maar het was ook tweeduizend jaar geleden moet je denken, zo iets kwam nu niet meer voor. En op dat ogenblik werd er gebeld. De man legde de banketstaaf die hij juist aan de mond bracht, verstoord weer op zijn bord.

“Dat is nu vervelend,” zei hij, “er is ook altijd wat.” Hij knoopte zijn servet los, sloeg de kruimels van zijn knie en slofte naar de voordeur.

Er stond een man op de stoep met een baard en heldere, lichte ogen. Hij vroeg of hij hier ook schuilen mocht, want het sneeuwde zo. Het was namelijk een witte Kerst, dat heb ik nog vergeten te zeggen, hoe kan ik zo dom zijn. De beide mannen keken elkaar een ogenblik zwijgend aan en toen werd de een door een grote drift bevangen. “Uitgerekend op Kerstmis,” zei hij, “zijn er geen andere avonden.” En hij sloeg de deur hard achter zich dicht. Maar terug in de kamer kwam er een vreemd gevoel over hem en de tulband smaakte hem niet. “Ik ga nog eens even kijken,” zei hij, “er is iets gebeurd, maar ik weet niet wat.” Hij liep terug naar de stoep en keek in de warrelende sneeuw. Daar zag hij de man nog juist om de hoek verdwijnen, met een jonge vrouw naast zich, die zwanger was.

Hij holde naar de hoek en tuurde de straat af, maar er was niemand meer te zien. Die twee leken wel in de sneeuw te zijn opgelost. Want het was, zoals gezegd, een witte Kerst. Toen hij weer in de kamer kwam zag hij bleek en er stonden tranen in zijn ogen. “Zeg maar even niets,” zei hij, “die wind is wat schraal, het gaat wel weer over.” En dat was ook zo, men moet zich over die dingen kunnen heen zetten. Het werd nog een heel prettig Kerstfeest, het was in jaren niet zo echt geweest. Het bleef sneeuwen, de hele nacht door en zelfs het kind werd opnieuw in een schuur geboren.

Toelichting
De Nederlandse schrijver Godfried Bomans (1913-1971) werd geboren in Den Haag. Het gezin verhuisde naar Haarlem en later naar het landgoed Berkenrode in Heemstede. De vader van Godfried was wethouder in Haarlem, kamerlid en lid van de Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. Na het lyceum studeerde Godfried Bomans korte tijd rechten in Amsterdam en psychologie en wijsbegeerte in Nijmegen.

Godfried Bomans trouwde in 1944 met Gertrud Verscheure. Bomans werkte op de kunstredactie van de Volkskrant en was ook medewerker van Elseviers Weekblad. Godfried Bomans kreeg grote bekendheid door zijn televisieoptredens. In 1971 verbleef hij een week op het onbewoonde eiland Rottumerplaat voor de Vara, waar de eenzaamheid zwaar op hem drukte. Het oeuvre van Godfried Bomans kenmerkt zich door een speelse ironie. Hij had een groot gevoel voor humor en een voorkeur voor parodie. Hoewel Bomans de meest gelezen Nederlandse auteur was, twijfelden de critici aan de literaire waarde van zijn werk.

Godfried Bomans was een groot kenner van het werk van Charles Dickens. Hij speelde een belangrijke rol bij de vertaling in het Nederlands van het complete werk van Dickens, dat in de vijftiger jaren van de twintigste eeuw in pocketvorm verscheen.

Belangrijke werken van Godfried Bomans zijn: "Memoires of gedenkschriften van minister Pieter Bas" (1937), "Erik, of het klein insectenboek" (1941), "Sprookjes" (1946), "Kopstukken" (1947), "Buitelingen" (1948), "Capriolen" (1953), "Mijmeringen" (1968) en "Beminde gelovigen" (1970).

Kerstbrood & Neil Young.

Ik heb boodschappen gedaan, heel bescheiden, het hoogst noodzakelijke, voornamelijk wijn en bier, daarnaast ook nog iets om te eten. Thuis begin ik gelijk met het maken van een kerstbrood met spijs, hoegenaamd geen werk, de broodbakmachine kneed en doet weet ik wat met het deeg plus rozijnen, een beetje calvados erbij voor de smaak, als het bijna klaar is dan gesmolten boter er over met gesnipperde amandelen en veel poedersuiker, de kerst kan beginnen. Het kindje draait zich om in de kribbe, het huilt, moeder Maria pakt haar zoon op en geeft hem de borst, de os en de ezel staan er bij te kijken, verwonderd net als de herders die net binnen komen lopen. De zoon van God is ook maar een gewoon mens, die huilt als hij honger heeft, die vloekt als hij op zijn duim slaat, zijn andere vader is een timmerman en verliefd wordt op Maria Magdalena.

Jezus hield op een andere wijze van Maria
dan van de andere leerlingen,
en hij kuste haar vaak.
De overige leerlingen zagen hoe hij van Maria hield
en vroegen hem:
"Waarom houdt u meer van haar
dan van ons allemaal?"
De Heer antwoordde hen met de woorden:
"Waarom houd ik niet van jullie
zoals van haar?
Wel, als een blinde
en iemand die kan zien
samen in het donker zijn,
verschillen ze niet van elkaar.
Maar als het licht wordt,
zal de ziende het licht zien
en de blinde in het donker blijven."

Kerst is een feest van overdaad en overvloed, ik doe er aan mee, ook al denk ik bescheiden te zijn, ik bak een kerstbrood van een halve meter met spijs en amandelen, een rollade in de pan staat al uren gaar te worden tegen de zin van mijn vegetarische geliefden, ik weet het, ik ben zwak, de bijbel zegt, het vlees is zwak, maar dat slaat dan weer ergens anders op, daar ga ik nu niet op in. Zoon Jelmer komt binnen met een plaat van Harry Sacksioni, gekocht voor 50 cent, mooi maar ik heb de plaat al, toch even gedraaid en platen kan je vaak weer verkopen voor veel meer dan dat je ze gekocht hebt, een wijze les voor mensen met platen die niet weten wat ze er mee moeten doen. Sruur ze op naar mij, mijn adres krijg je via [email protected].

Nog even over Neil Young, volgend jaar treedt hij op in de Ziggodome, of we gaan??????

Heen en weer.

Van morgen moest ik bij de garage zijn om een heel klein onderdeel te laten plaatsen, een verbindingsstuk in de vacuüm slang, er zat een gat in wat gepaard ging met geknal, onregelmatig lopen van de motor en tenslotte het uitvallen van de motor bij het stationair draaien. Een fluitje van een cent, vijftien minuten werk, maar toen ik weg wilde rijden startte de motor niet, wat gerommel met draadjes en alsnog opgelucht naar huis, eerst even tanken. Carien wilde met het openbaar vervoer naar Groningen, flauwekul, ik breng je naar Haren, net zoals meestal, de bus reed als een zonnetje, (Carien zei nog dat de bus goed bij me past, ze kan me niet voorstellen in een moderne auto, ik ook niet), beter als de laatste tijd, zoiets moet je natuurlijk niet denken, want we gingen de bocht om in Haren naar het station en de motor sloeg af. Starten tot de accu bijna leeg is, zelf rommelen aan de draadjes, maar welke, ik heb er geen verstand van, de garage gebeld, ze komen er aan, afscheid nemen op de stoep, gelukkig is het station vlakbij. Wachten vind ik niet erg, heel veel tijd in een leven gaat verloren met wachten, tijd die je ook kan gebruiken om na te denken in plaats van boos te worden op wie of wat eigenlijk? Een oude auto heeft nadelen, maar ik zie ook vaak nieuwere modellen langs de kant van de weg staan, is dit een samenloop van omstandigheden, ik hoop het. De monteur heeft de bus is in no time weer aan de praat en rijdt achter mij aan naar de garage, koffie drinken met de mannen, het is pauze, heel lang heb ik niet meer met zoveel mannen rond een tafel gezeten en slap geouwehoer aangehoord, herinneringen. Draadjes worden losgetrokken, ingespoten, vastgezet, gestart, nog een keer gekeken, weer de motor aan, succes er mee. Overmoedig zeg ik tegen de monteur, dit jaar kom ik niet meer terug en ik rijd naar de winkel een kilometer verder om er boodschappen te doen die er ergens anders wilde halen, maar het is al laat. Ik start de motor en er gebeurt niets, ook bij mij niet, ik ben niet teleurgesteld of boos, eigenlijk moet ik even lachen, het is niet anders, ik bel de garage en weer komt een monteur, die de motor aan de gang krijgt, hij rijdt achter me aan terug naar de werkplaats. Ik krijg een leenauto, laad de boodschappen over en rijd naar huis, de hond zit kwispelstaartend op me te wachten, de hele middag naar zijn mallemoer, niks gedaan, maar rustig gebleven onder vervelende omstandigheden, het kan erger, denk ik.

Thuis zorg ik eerst voor de dieren, ook zonder gemopper, kachel aan, kaarsjes, ik kom tot rust in mijn luie stoel. Gisteravond heb ik mijn lief Lost Angeles van Colosseum laten horen, onbekend voor haar, maar prachtig vond ze het. Ik draai de live plaat uit 1971 van kant 1 tot en met vier, volume hard en weg zijn alle zorgen, morgen is er een nieuwe dag.

Tot slot, met algemene stemmen is Lost Angeles van Colosseum gekozen tot de plaat van het jaar, niet alleen dat nummer, maar de hele live LP staat op nummer ééN, daar kan de top 2000 niet tegen op.

Mijn vader.

Mijn vader is erg ziek, hij ligt op sterven, we zorgen voor hem samen met mijn moeder in de laatste weken van zijn leven. Hij komt uit het ziekenhuis, niet te genezen om thuis te overlijden. Zolang iemand leeft geloof je niet in zijn dood, hij is er nog, we praten, drinken een biertje, ik til hem naar zijn stoel, scheer hem, intieme dingen, hoe dicht kan je bij je vader komen? De laatste dag zijn we bij elkaar naast zijn bed, mijn vader is weg gezakt in zijn bewustzijn, niet meer aanspreekbaar, het einde nadert, maar nog steeds geloof ik er niet in. We gaan naar huis om te slapen, ik maak zijn portret af en word gebeld door mijn zwager Jolle, je vader is dood wil je helpen om hem af te leggen.

Moeilijk, maar ik denk er niet over na, mijn zus weet hoe het moet, ik help, doe wat ze zegt wat ik moet doen. Ik kijk naar zijn lichaam, mager, mijn vader, nooit zag ik hem naakt, altijd keurig in pak, goed gekleed, goed geknipt en goed geschoren. In Duitsland liep hij in een lange korte broek met lange kousen tot net onder zijn knie, padvinder in hart en nieren, ik heb er soms nog nachtmerrie's van.

Mijn vader had weinig geduld, wilde naar huis als het hem uit kwam, wat mijn moeder wilde deed er niet toe, op eens stond hij op om weg te gaan, het is tijd en ging in de auto zitten en wachtte tot mijn moeder mee ging.

Mijn vader was een bijzondere man, ik begreep hem vaak niet en hij mij niet, nu ik er over nadenk zou ik graag nog eens met hem praten, maar eigenlijk is dat niet nodig, we hebben elkaar alles verteld wat er leeft tussen een vader en een zoon, echt ALLES, maar dat is niet helemaal waar, we zaten vaak zwijgend naast elkaar, dronken bier, het leven ging aan ons voorbij zonder woorden.

Familiefoto.

Gisteren waren we als familie samen voor het jaarlijkse kerst diner, of is etentje een beter woord, het was een samenzijn zonder veel poespas, iedereen maakte een voorgerecht, hoofdgerecht of een toetje, dit jaar was Italië het thema, volgens het schema dat vooraf is rond gestuurd. Meestal en ook nu weer is er veel te veel klaargemaakt, heerlijke gerechten met en zonder vlees, voor ieder wat wils, kinderen hebben bolletjes met een knakworst. Het bijzondere was dat iedereen aanwezig is, mijn broer Peter organiseert een familie foto die achter hun huis gemaakt wordt door de buurman. Lichtelijk chaotisch gaat iedereen naar buiten, kiest een plekje voor, op of achter de bank, waarop onze moeder als middelpunt zit, negenenveertig mensen, groot en klein, het is een klein wonder. De rest van de avond verloopt in harmonie, er wordt gepraat, gegeten, gedronken uiteraard, het bier komt uit alle hoeken tevoorschijn, de kinderen tekenen, spelen, rennen, vermaken zich met elkaar, zodat ze na een paar uur met een hoogrode kleur steeds stiller worden. De ouderen praten met elkaar over hun levens, het gaat over vroeger en nu, verbaasd dat iedereen er nog is en in goede gezondheid, we zijn een gezegende familie met een mooie, trotse moeder, het wordt een prachtige familiefoto, een bijzonder samen zijn.