thuismetsijtze.reismee.nl

Klein in het zijn.

Ik voel me klein in de grote wereld, het leven spoelt over me heen als een regenbui, gelukkig heb ik de kracht om te blijven staan, het water stroomt weg in de put. Ik lees een rouwadvertentie van iemand die tien jaar jonger was dan ik, overleden, herinneringen worden geschreven, maar er is niets meer, morgen zijn we vergeten wie er gisteren nog was. Het is niet anders, zo gaat het ook met mij denk ik somber. In de krant wordt een boek aangeprezen; somberen hoeft niet meer, floreren kun je leren, ook al kan je niet je hele leven gelukkig zijn. Dat stemt me weer vrolijk, ik ga naar buiten waar een lenteregentje valt, ik heb er geen last van, straks een mooie plaat op de draaitafel, ik bak een appeltaart, een brood voor morgen, de kachel brandt. Ik ben het weekeinde vrij, morgen met broer Kees naar Assen museum, Cuby zou dit jaar 75 geworden zijn, een tentoonstelling, nooit meer naar Cuby. Het leven gaat door, altijd, wat er ook gebeurt, daar hoef ik me niet druk over te maken, morgen komt de zon weer op.

Bed tijd.

Na een late dienst neem ik me altijd voor om vroeg naar bed te gaan als ik de volgende dag een vroege dienst heb, eigenlijk mag het niet volgens de CAO, maar het gebeurt nog regelmatig bij ons. Ik kom thuis, laat de hond uit ,die een beetje rondloopt terwijl ik de pony op stal zet, het is een routine waar ik aan gehecht ben geraakt, het moet gebeuren voordat ik rustig kan gaan zitten om het journaal van acht uur terug te zien. Het leven is eenvoudig, maar we verzuipen in regels, protocollen, schrijfwerk, die van ons gevraagd worden, niemand heeft er zin in, maar we worden gedwongen mee te doen omdat het voorgeschreven wordt, als we niet mee doen volgen geldelijke gevolgen. Ik ben er te oud voor, heb er geen zin in dat is een betere omschrijving, alles moet genoteerd, elke scheet of boer moet ik turven, ik kom niet meer toe aan de taak waar voor ik ben aangenomen, het zorgen voor mensen die daar zelf moeite mee hebben, ik doe er niet aan mee, ik ga mijn eigen gang. Dat kan dus niet, dat weet ik ook wel, maar het gaat zoals het gaat, het gaat goed, dat weet ik, morgen weer vroeg op. Dat is een ander verhaal, ik ga te laat naar bed, kijk nog even televisie, draai een plaat, hoeveel slaap heeft een mens nodig?, het is half twee, morgen om zes uur op, het is niet anders, ik bedoel, IK ben niet anders, ik leef mijn leven met ups en downs net zoals iedereen. Nu is het wel tijd om te gaan slapen of nog een muziekje?

Hoe bang kan je zijn.

Het rommelde wat in de verte, de hond was onrustig, ik dacht nog even aan bevingen die ik niet kon plaatsen, maar hier in groningen heel gewoon zijn, steeds dichter bij klonk de donder, flitsen verlichten de kamer, regen tikte op het dak van de serre, de hond kroop weg achter de bank. Ik was haar even kwijt in het huis, gehijg, ze volgde me waar ik ook heen ging, ik vond haar terug op de stoel van opa Lelivelt. Het dondert nog steeds flitsen in de verte, ik ben ook wel eens bang voor onbekende dingen, trek me terug in mijn huis zonder te vertellen wat er is, het knettert af en toe in mijn hoofd en niemand weet er van. De hond ligt op mijn stoel en is veilig, ik ga er zo op zitten en draai nog een mooie plaat, we zijn samen en kunnen de wereld aan als we elkaar helpen. Gelijk de vraag hoe kan een hond mij helpen, gewoon door een hond te zijn en niets meer, ik ben een mens, dat is al moeilijk genoeg.

Het gewone leven.

Na een lang weekeinde vrij, samen met de familie, begon vandaag het gewone leven weer, late dienst, altijd prettig want dan hoef ik niet zo heel vroeg op te staan en ook niet zo vroeg naar bed. Het mooie van het gewone leven is de regelmaat, de afwisseling van de vroege en late diensten, het is eigenlijk nooit gewoon, er gebeurt altijd wel wat en ik moet daar creatief mee om zien te gaan, saai is het nooit! Ik voel me er als een vis in het water, ik heb het naar mijn zin, maar het is nu tijd om andere dingen te gaan doen, die zijn blijven liggen, zoals het onderhoud aan het huis, de creatieve kant van mij die op een enkele poging na langzaam is uitgedoofd, niet opgedroogd want er is elke dag wel een idee, een tekening, een linosnede die in me opkomt, honderden (klassieke) platen zijn er om te beluisteren, boeken om te lezen, de groente tuin, bloemen tuin, kortom het is tijd om minder te gaan werken, vanaf 1 mei. Ik ben heel benieuwd hoe dat uit gaat pakken, kan ik de discipline opbrengen om te gaan doen wat ik voor ogen heb of ga ik zitten lezen in de zon of op de veranda, dat kan en is ook geen slechte keuze, alles is mogelijk.

Eten en drinken in overvloed.

Eten en drinken in overvloed ( wat een rijkdom), de kinderen hadden veel plezier.
Mooi dat het zo kan, zonder gedoe en geruzie schreef Jolle vanavond. Het is bijzonder om met de familie een weekeinde samen te zijn, we hebben het goed, weinig gedoe, we zijn er nog allemaal, er wordt veel gepraat over hoe het met ons gaat, steeds openlijker worden "moeilijke"onderwerpen zoals ziekte en dood aangekaart, logisch denk ik, we worden ouder, de dood ligt op de loer, maar we zijn even niet thuis. Ook wel uitzonderlijk, er is helemaal niet geklaverjast en we gingen redelijk vroeg naar bed, ouder en wijzer.

De tuinman en de dood

Een Perzisch Edelman:

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: "Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!" -

Van middag (lang reeds was hij heengespoed)
Heb ik in 't cederpark de Dood ontmoet.

"Waarom," zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
"Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?"

Glimlachend antwoordt hij: "Geen dreiging was 't,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen 'k 's morgens hier nog stil aan 't werk zag staan,
Die 'k 's avonds halen moest in Ispahaan."

P.N. van Eyck

Moeder en kleinzoon.

Kleinzoon Kelvin vroeg me of hij met mij mee mocht rijden naar het huis waar het familie weekeinde plaatsvond, gezellig zo'n kleine man naast me die me van alles vroeg en vertelde, veel zag onderweg of even heel stilletjes zat te kijken of hij de auto van zijn vader nog wel zag, ik voelde me een beetje opa. Het is altijd even wennen als we elkaar weer zien in het grote huis, de boodschappen worden uitgeladen, iedereen zoekt een slaap plek, de kinderen verkennen samen het huis en elkaar. Eigenlijk gaat het heel soepel, er wordt koffie gezet, broodjes knakworst voor de kinderen waar de ouderen ook van smullen, uitsmijters worden gebakken, er is een overvloed aan drank, daar ga ik het niet over hebben. Als de kinderen naar bed zijn zitten we aan een lange tafel te praten, de pastasaus voor zaterdag wordt alvast gemaakt, er wordt gesnipperd en gesneden, er is geen vaste taakverdeling, wie mee wil helpen doet dat, de anderen kijken toe.

Zaterdag morgen naar Wildlands in Emmen, we treffen elkaar op het plein voor de ingang, we weten niet wanneer en waar de taxi aankomt die onze moeder komt brengen, we lopen terug naar de parkeerplaats, zien de taxi voorbijkomen, waar gaat die heen?, rechtsomkeert, we zien geen taxi, wel veel familie, als we omkijken zien we onze moeder aan komen lopen, we geven haar een arm en brengen haar naar de rolstoel die voor haar geregeld is. Ondertussen komen er steeds meer familieleden aan, er wordt gezoend, de kinderen rennen rond, de kaartverkoop verloopt nog niet goed, we moeten wachten, maar het is mooi weer. Onze moeder krijgt een achterkleinkind op schoot, ze straalt, ze heeft ons allemaal groot gebracht, ze geniet er zichtbaar van, wat wordt ze oud ons moedertje.

Het is een prachtige dag in Emmen samen met iedereen, het park is een kruising tussen een dierentuin en een pretpark, we slenteren rond, samen, verliezen elkaar uit het oog, komen weer bij elkaar op een afgesproken plek, broodjes en frisdrank. Hoe is het mogelijk denk ik om zo samen te zijn.

Als we terug zijn in het huis wordt er gekookt, veel gepraat, iedereen weet wat hij of zij moet doen, er is niets afgesproken, behalve wie het spel van de avond moesten voorbereiden. Ook dat is een succes, er wordt wat gesjoemeld, geklaagd, gemopperd, veel gelachen, we moedigen elkaar aan, geven verkeerde adviesen om zelf te kunnen winnen, uiteindelijk zijn er weer winnaars die het spel voor volgend jaar moeten bedenken. Onze moeder zit erbij, kijkt naar het gebeuren, haar kinderen, kleinkinderen en denkt er het hare van, soms vertelt ze wat er in haar omgaat, vaak niet, voor mij heel herkenbaar, maar ze vindt het prachtig. Om elf uur 's avonds brengt de taxi haar naar huis, ze slaapt het liefste in haar eigen bed, wij gaan nog even door, maar het wordt niet meer zo laat als vroeger.

Zondag is een dag van lang aan tafel zitten, wandelen en afscheid nemen. Volgend jaar weer daar is iedereen het mee eens, liever naar eind mei/begin juni, dat is geen probleem.

Kleinzoon Kelvin rijdt ook weer met mij terug naar huis.

Dierentuin Emmen.

Het verslag volgt zondag.

Stapelbed.

Een stapelbed is iets van vroeger, te kleine huizen, te grote gezinnen, waar moet iedereen slapen? Stapelbedden komen nog voor in goedkope vacantiehuizen waar we heen gaan omdat het goedkoop is, de bedden zakken door, er zijn twee zalen, vroeger één voor mannen en één voor vrouwen. Ons eerste familie weekeinde was in Roden? toen mijn opa en oma vijftig jaar getrouwd waren, het was een vreemde gewaarwording om mijn opa naar zijn bed te zien gaan, ooms sliepen daar ook aan de mannenkant, eigenlijk weet ik er nier meer zoveel van, beelden ontbreken in mijn hoofd. Morgen gaan we met onze familie naar een huis waar ook stapelbedden staan, wat een verschil met toen, nu zijn er tien kamers met twee stapelbedden, douchen en wc's zijn keurig en schoon. Op mijn kleine kamertje in de Johan Mulderstraat sliep ik samen met broer Kees op een stapelbed, hij boven ik onder, een tijdje logeerde Jacob bij ons, hij sliep op een veldbedje naast ons stapelbed. We praatten nog wat voordat we gingen slapen, hij was een jaar of acht ouder, las boekjes van Jerry Cotton, detectives, die ik ook stiekem las, hard boiled detective, Mr. Marlowe, de voorlopers van al de politie en detective series van nu. Stripheld Dick Bos, buurjongen Menno wilde zijn boekjes wel ruilen voor een kijkje in mijn onderbroek, ik was twaalf of dertien, wel eens verliefd op het mooiste meisje van de klas, maar jongens waren een ander verhaal, ik snapte er niets van. De boekjes van Dick Bos ben ik kwijt geraakt net als zoveel andere boeken, mannenliefde is niet iets voor mij besefte ik toen, het is niet goed als je als jonge jongen word overvallen door een oudere jongen, het was niet anders, niemand beschermt je tegen de liefde van welke kant die ook komt, soms is het een harde leerschool, maar is het liefde of lust?, wie zal het zeggen. Ik weet het niet, ik heb er geen nare herinneringen aan, beetje vreemd vond ik het wel, maar toen werd er al helemaal niet gepraat over sex, flower power, maar dat was aan mijn ouders niet besteed, ik moest het zelf ontdekken, je mag er niet van genieten, maar dat is over, kus.