thuismetsijtze.reismee.nl

Mousaka

Gisteren zei ik dat ik vandaag Mousaka zou gaan maken, vanavond belde zoon Jelmer op of hij kon komen eten, er is genoeg, hij heeft ook nog een stuk meegenomen voor zijn vriendin Sarah, die nog moest werken.

Wie in Griekenland is geweest of wek eens een Grieks restaurant heeft bezocht, heeft ook vast wel eens Mousaka gegeten. Het is een traditioneel gerecht, meestal bestaande uit lagen aardappels, gehakt, aubergines en béchamelsaus. Het is niet wat men noemt 'lichtverteerbaar' gerecht, maar u kunt daar zelf veel aan doen door bij het bereiden zuinig te zijn met olijfolie.

Mousaka wordt halfwarm opgediend in grote vierkante stukken. Zet u de schotel dus niet zo uit de oven op tafel maar gun dit gerecht de tijd 'smaak te trekken'. Het is bovendien niet mogelijk stevige vierkante stukken te snijden als de schotel nog te warm is.

U heeft voor Mousaka een braadslee/ovenschotel nodig met opstaande rand (plm. 5 cm.). Per 2 liter inhoud moet u ongeveer de volgende hoeveelheden aanhouden.

500 gram aubergines

500 gram gehakt (kan ook vegetarisch)

2 grote tomaten of een blik gehakte tomaten

2 eieren

2 uien

een handje fijngesneden peterselie

1 kilo aardappelen

6 dl. béchamelsaus ( gemaakt van boter, bloem en melk)

kaneel, zout, peper, geraspte (schapen) kaas, olijfolie.

Was de aubergines. Verwijder de uiteinden en eventuele ongerechtigheden maar laat de schil zitten. Snijd de aubergines in lange plakken van een centimeter. Zet deze, ruim met zout bestrooid, in een vergiet weg gedurende zeker een uur.

Snijd ook de geschilde aardappels in lange, maar iets dunnere plakken. Zet ze weg in koud water met zout. Fruit de uien in twee eetlepels olijfolie en bak daarbij ook het gehakt rul. Pel de tomaten/blik tomaten en voek aan het gehakt toe. Breng het gehat op smaak met een flinke mespunt kaneel, zout, peper en de peterselie. Laat de saus een half uurtje pruttelen, indien nodig water toevoegen. Haal dan de pan van het vuur en roer er de twee geklutste eieren doorheen. Terwijl de saus pruttelt, gaat u de aardappelschijven bakken in een laagje hete olijfolie. Neem niet te grote porties ineens. De olie koelt dan af en de aardappels zullen teveel vet opzuigen. Laat de schijven na het bakken uitlekken op keukenpapier en bedek er vervolgens de bodem van de braadslee/ovenschotel mee. Verdeel de helft van de gehaktsaus over de aardappels en strooi er een beetje geraspte kaas overheen. Spoel de plakken aubergine goed af en droog ze. Bak deze in héél weinig olijfolie aan beide zijden lichtbruin en verdeel ze over de schotel. Breng daarbovenop de rest van de gehaktsaus en enige geraspte kaas.

Dek de schotel tenslotte met een laag dikke béchamelsaus af en bak hem gedurende een uur in een voorverwarmde oven op 180 graden

MARIA SAITAKI

Eet smakelijk.

Oom Meint, de ganzen vliegen over.

Oom Meint woonde in het huis naast ons, ik dacht dat ik zijn achternaam vergeten was, maar het is de Groot, een man met status, zowel in het dagelijks leven als ook in het kerkelijk leven. Aan zo'n status waren veel voordelen verbonden, mensen keken tegen je op, eigenlijk moet ik U zeggen en deden wat hij zei, anders kon hij je het leven zuur maken. Oom Meint jaagde, hij schoot eenden, fazanten, ganzen, hazen en mijn vader ging mee/moest me, dat weet ik niet, mijn moeder maakte de dieren schoon, bereide het vlees en zette het op tafel. Als het eten klaar was klopten we op de tussenmuur, oom Meint at bij ons nadat zijn vrouw was overleden, een man alleen kookt niet, die laat zich bedienen. Hij had een enorme postzegelverzameling, kasten vol met uitgeblazen vogel eieren, een rijke man, mijn ouders hebben er nooit wat van gemerkt, het was liefdewerk.

John en ik gingen soms mee met oom Meint om de eenden op te halen die hij had geschoten, achter de Ulgersmaweg, waar het toen nog leeg was, ze leefden soms nog, pak ze bij de nek en draai ze om, zei hij en dat deden we. Ik weet niet meer hoe eend smaakt!

Ik moest aan hem denken toen ik de ganzen hoorde die overvlogen.

Het leven is te kort om er lang over na te denken.

Het leven is te kort om er lang over na te denken, voordat je het in de gaten hebt ben je oud, bejaard is de volgende stap die ik nog niet wil maken. Op het werk hoor ik, hé ouwe, grijze, het is niet kwetsend bedoelt, het is zoals het is, ik denk er niet te lang over na, zolang ik mee kan in de stroom van het werk is het goed, ik heb er nog geen moeite mee, maar thuis is het ook goed, appeltaart gebakken, ondertussen gepraat met een lieve van vroeger, scheiden wil niet altijd zeggen dat je elkaar los hebt gelaten, ook al lijkt dat misschien zo, een half leven samen is te lang om te vergeten.

Messiah en Passies.

27 November is het eerste advent, de tijd van de concerten komt er weer aan, ik kreeg vandaag een mail met een aanbieding van 50% korting op al die concerten tot en met april volgend jaar, de kerken moeten vol. Elk jaar ga ik wel naar een Passie in maart of april, weken van te voren begin ik al met het draaien van de platen van de Matthäus, ik heb wel vier verschillende uitvoeringen op LP en ééntje op 78 toeren, aan het luisteren van alles kom ik niet toe, ik ga er wel voor zitten met het tekstboekje op mijn schoot en draai de hele Passie achter elkaar. Zo'n Passie lijkt wel een beetje op de blues, het lijden van de mens, liedes verdriet is natuurlijjk niet te vergelijken met de dood aan het kruis, maar het verdriet er achter wordt op een vergelijkbare manier vertolkt. Vanmorgen Blues for Greeny gedraaid, een plaat van Gary Moore, die op de gitaar van Peter Green zijn nummer speelt, blues in alles, lees het verhaal van Peter Green op wikipedia.

Weinig.

Een dag waarop er weinig gebeurde, een werkdag met de gebruikelijke dingen, vanavond samen een appeltaart gebakken, dat ga ik zaterdag thuis ook doen, zondag neem ik een stukje mee voor mijn moeder en misschien nog een broer. Vanmorgen het grote rond gelopen, mezelf uitgelaten, een wandeling die ik al tientallen keren gelopen heb, het mais is van het land, ik hoef me geen weg meer te banen door de lange stengels, het pad is gemaaid, de zon breekt door, het land is klaar voor de winter. De zon komt laat op, gaat vroeg weer onder, ik moet er altijd even aan wennen, hoewel ik er dit jaar niet zo'n moeite mee heb, een winter van het huis opruimen, veel spullen wegdoen, een grote kast wegbreken en nog meer, niet te veel tegelijk. Dat heb ik onderhand wel geleerd, maar ik breng het niet altijd in praktijk.

Old lovers.

Het leven is een achtbaan, ik roetst er over heen, vaak snap ik er niets van, ook niet van mezelf, liefdes worden verbroken, hersteld, het gaat weer mis en toch mis ik haar.

Friese stabij.

Via via kreeg ik de vraag of ik voor een friese stabij wil gaan zorgen, zeven jaar oud, door omstandigheden niet meer gewenst, er voor zorgen betekent het beestje in huis nemen voor altijd. Ik mis een hond, maar het is wel snel, ik denk er nog even over na, niet te lang anders is de hond weg gelopen.

Mooi weer.

Het is najaar, een week gewerkt, laat naar bed, een beetje uitslapen, geen hond om uit te laten, de pony hooi gegeven en water; ik ga wandelen in Drenthe bij Anloo en onderweg breekt de zon door. De weg door Zuidlaren is afgesloten, paardenmarkt, ik rijd via Annen naar Anloo, parkeer naast de kerk en begin aan de wandeling die ik al zo vaak gelopen heb, samen en alleen, in voor-en tegenspoed, ik kom niemand tegen, een mooie blonde vrouw op een mountainbike rijd me bijna van de sokken: Niet schrikken, roept ze, ik doe je niets! Was het maar waar, denk ik, met gelijk in mijn achterhoofd Trump, ben ik ook zo'n akelige vervelende handtastelijke man, nee, ik denk het alleen, fantaseer nog wat verder, als we elkaar drie keer tegen komen, trakteer ik. Dat gebeurt natuurlijk nooit, even later loop ik rustig verder, trek mijn jas uit, prachtig weer, vogels fluiten, paarden en koeien lopen door het gras langs het Anloërdiepje. Ik denk aan Berend Groen, landschaps schilder, die ik leerde kennen op de kunst academie, hij schilderde de natuur waarin ik nu loop op schitterende wijze, minutieus, lijntje voor lijntje tekende hij met kleurpotloden wat hij zag, puntje voor puntje bracht hij de verf op het doek met eindeloos geduld. Ik heb mijn foto toestel bij me, het is te mooi, foto's zijn een weergave van het moment dat zich niet laat vereeuwigen, het zit in mijn hoofd, herinnering aan een wandeling, een reis, een persoon, het verleden, het is het beste om het daar te laten, een afbeelding is een illusie van de werkelijkheid, die mooi lijkt, maar niet in de buurt van het nu komt, wie weet dat nog? Ik loop verder zonder na te denken, ik ken de weg, zovaak heb ik deze weg gelopen, maar bijna nooit zonder hond.